De Klepperklumpkes van 't Walfort                                                     Aalten - Nederland
Home » Reisverslagen » Petzenkirchen Oostenrijk 1980

Petzenkirchen Oostenrijk 1980

Gepubliceerd op 1 januari 1980 19:56

Reisverslag Petzenkirchen Oostenrijk 1980



Een reisverslag geschreven aan de hand van de verhalen op de oefenavonden en het fotoboek van Riet en Gerrit Beernink.  


De Kleppers hebben veel in het buitenland opgetreden. Het gaat dan om meerdaagse reizen waarbij de groep op uitnodiging van de gastgroep komt optreden. Tijdens zo’n buitenlandse verblijf word je als groep vaak meegenomen naar plaatsen waar je als gewone toerist niet komt.  Regelmatig worden op een oefenavond de herinneringen aan zo’n reis opgehaald.En naarmate de jaren verstrijken, rijpen de verhalen. Dit keer een verhaal over de reis naar Oostenrijk in 1980. In 1980 is de dansgroep naar Petzenkirchen in Oostenrijk geweest. Een unieke reis omdat er per trein werd gereist. Vanaf Wesel ging het met de Tiroler Nachtexpress richting Innsbruck. Een vreemde ervaring zo’n nachttrein want de cadans van de rails blijft ook na de treinreis nog een tijdje doordenderen in het hoofd. Speciaal voor de Kleppers werd een stop ingelast in Ybbs aan de Donau. En als je dan ’s-morgensvroeg wakker wordt en in het bergmassief de zon ziet op komen dan is dat een schitterende ervaring. Overigens was het gedurende het gehele verblijf prachtig weer. Ochtendstond heeft goud in de mond zullen ze gedacht hebben want om kwart over vijf  op maandagochtend werden de Kleppers opgehaald door hun gastgezinnen. ’s Middag werd een bezoek gebracht aan de waterkrachtcentrale in Melk aan de Donau.   

 


Gerrit en Riet Beernink waren toentertijd nog maar pas bij de Kleppers en voor het eerst mee op een buitenlandse reis. Hun logeeradres was bij een oude vrouw in Sansenstein aan de Donau, een eindje buiten Petzenkirchen. Ze hadden zich goed en wel geïnstalleerd toen oma kwam te vallen en haar heup brak. ’t Gevolg was dat oma naar het ziekenhuis ging en dat Riet en Gerrit van logeeradres veranderden en bij de dochter in huis kwamen. Het was een reis met van die kleine onbenulligheden die achteraf zo’n reis bijzonder maken. D’r werd gelogeerd bij gastgezinnen en dan kan het gebeuren dat je op een divan in de woonkamer mag slapen. Daar is op zich niks mis mee dacht Johan Bennink, want die divan lag prima, ware het niet dat er in de woonkamer een koekoeksklok hing die luidkeels liet horen dat er weer een half uur voorbij was. Om tureluurs van te worden en slapen kon je wel vergeten. En als je dan als klap op de vuurpijl tijdens een verloting … een koekoeksklok wint, heb je het bijzonder getroffen. De tweede dag van hun verblijf in Oostenrijk stond er een bustocht op het programma naar Oberösterreich. Petzenkirchen zelf ligt in Niederösterreich en het landschap en de bergen zijn er iets minder robuust dan in Oberösterreich.. Voor het vertrek zat een groepje koffiedrinkers bijeen voordat ze op pad zouden gaan om de 2500 meter hoge Toniaspitze te bedwingen. Riet werd gekweld door een hoofdpijn, een souveniertje van de treinreis, en vroeg daarom aan Gerrit om haar nek te masseren. Wat niet velen weten is dat Gerrit met zijn vingers een blokkade van een energiebaan kan wegmasseren. Tonnie en Maria Pringels waren ook mee. Maria keek geïnteresseerd toe hoe Riet de behandeling onderging en vroeg of dat ook daadwerkelijk hielp. Volmondig beaamde Riet de heilzame werking van Gerrit’s bovennatuurlijke krachten. Niet alleen bij hoofdpijn maar ook bij rugklachten had zij er veel baat bij. En dat was voer voor Maria, want – de leden die haar nog kunnen herinneren zullen het beamen – was een echte flapuit. Maria begon te vertellen wat Tonnie en zij de afgelopen nacht hadden beleefd. De interesse van het koffiegroepje was op slag gewekt want Maria kon altijd smakelijk vertellen nietnin de laatste plaats door haar Limburgse tongval. “Tonnie”, zo begon Maria, “had gisteren last van zijn onderrug. De treinreis is hem niet goed bekomen”. Dat lange stilzitten, en dat slapen op een te korte en te smalle strijkplank was niks voor Tonnie. Bij het minste of geringste hadden zijn rugspieren de neiging te verkrampen. De vrouw des huizes, had al gauw in de gaten wat er met Tonnie aan de hand was en bij het avondeten vertelde ze Tonnie en Maria dat zij daar een zalfje voor had en dat ze dat voor hen zou klaar leggen. Gewoon de rug mee insmeren en dan trok de warmte van het zalfje in de rug, een nacht goed slapen en de volgende dag had je nergens meer last van, aldus de gastvrouw. Maria kende dat wel want in Holland hadden ze ook zoiets en dat heette Midalgan. En warempel toen ze ’s avonds naar bed gingen lag een tube zalf op het nachtkastje. Ze waren beiden al naar de badkamer geweest toen Maria de zalf zag liggen maar om Tonnie van zijn rugpijn af te helpen wilde ze hem nog even insmeren voordat ze ging slapen. Tonnie ontblootte zijn rug en liet de pyjamabroek zakken en Maria begon het zalfje d’r op te smeren. Na een tijdje vroeg Maria of het al werkte en Tonnie antwoordde dat het wel warm werd maar een averechts effect had. “Hoezo dan”? Vroeg Maria. “Wel”, zie Tonnie, “nu ben ik niet alleen stijf in de onderrug maar ook van voren”, en hij draaide zich om zodat Maria kon zien wat hij bedoelde. “Ach gut, moet ik dat ook even wegmasseren? “ En zo waar, Maria ging vrolijk vêdan. Maar na een tijdje kreeg Tonnie het spaans benauwd. Hij wist niet meer hoe hij het had toen het zaakje verschrikkelijk begon te gloeien. Raps trok hij zijn pyjamabroek op onderwijl roepend tegen Maria dat ze eerst haar handen had moeten wassen, en zocht verkoeling in de badkamer. Hij is wel een kwartier de boel met koud water aan het blussen geweest, vertelde Maria. De gastvrouw was het ook niet ontgaan dat er wat bijzonders aan de hand was en had al eens geïnformeerd of wat er aan de hand was. Ja, ik wist echt niet hoe ik dat in het Duits moest uitduiden dus ik heb haar maar verteld  dat de zalf zijn uitwerking niet miste. Och, wat was ik blij dat ik me nog ingehouden heb en dat ik de zalf alleen aan de handen had zitten besloot Maria. Tonnie had ondertussen de kop zo rood als een biet en menig koffiedrinker biggelden de tranen over de wangen van het lachen.  ’s Avonds stond er een gezellige dansavond op het programma met de volksdansgroep en de gastgezinnen op het programma in het plaatselijke café de Bärenwirt. Riet en Gerrit Beernink ontbraken die avond omdat de vrouw waarbij ze in huis waren, geen partner had en zij verder niet zo in contact stond met de bevolking van Pertzenkrichen maar meer gericht was op de plaatselijke bevolking in Sansenstein. Daarom stelde ze Gerrit en Riet voor om een wandeling te maken naar de Donau en het gemütliche Zusammensein mit de Gastfamilien maar te laten voor wat het was. Klonk niet verkeerd, want het was een vermoeiende dag geweest en ze wilden graag vroeg naar bed. Al wandelend vertelde Frau Heidi dat er een paar baggerschepen bezig waren de Donau uit te baggeren om grotere binnenvaartschepen op de routes naar het Oostblok in te kunnen zetten. De baggeraars kwamen uit Rusland omdat Oostenrijk zelf geen grote baggerschepen had, het was tenslotte geen land met grote zeehavens. Het uitbaggeren kostte veel tijd en zo nu en dan kwamen de baggeraars een biertje drinken in het café waar Frau Heidi werkte en zo had ze een paar Russen leren kennen die op de baggerschuit werkten. De Russen hadden haar en haar Hollandse gasten uitgenodigd om de boot te komen bezichtigen. Ze zouden met een bootje naar de baggerschepen varen en dan kregen ze een rondleiding van de Russen. En warempel, d’r lag al een speedbootje op hen te wachten om hen naar de baggerschuit te brengen. Gerrit was er niet happig op, want ondanks de toenadering in de Oost-West-verhoudingen was de Koude Oorlog nog niet ten einde en voor Russen moest je oppassen. Maar ja, ze konden ook moeilijk terug want ze wilden hun gastvrouw niet voor het hoofd stoten. Op de boot aangekomen werd al gauw duidelijk dat de Russen die dag meer hadden gezien dan alleen water. De machinekamer was razend interessant maar dat kon Gerrit geen biet schelen. Zo snel mogelijk van die schuit af en zien vaste grond onder de voeten te krijgen was zijn devies. Het duurde maar en duurde maar en de bodem van de fles wodka kwam allengs in zicht. Toen er dan eindelijk aanstalten werden gemaakt om weer huiswaarts te keren was het compleet donker. Voor de Russen geen probleem want ook zonder enige verlichting konden ze prima de weg terugvinden en al spelevarend werden ze teruggebracht. Aan wal gekomen liepen de Russen mee om nog een afzakkertje te nemen bij Frau Heidi. Riet en Gerrit hebben het aanbod om nog een glaasje schnaps mee te drinken vriendelijk doch beslist afgeslagen en zochten hun bed op. Dat deden de Russen ook en de volgende verlieten ze het huis van Frau Heidi om weer aan te vangen met hun werk op de baggerschuit.  Woensdags stond er een donauvaart op het programma. Toch niet weer, zal Gerrit gedacht hebben maar dit keer ging alles zeer voorspoedig. Aansluitend werd in Wachau het slot Schönbühel bezocht. De donderdag kende een vrije invulling en dat was voor menig Klepper geen probleem want er moesten links en rechts wat souvenirs en cadeautjes voor het thuisfront worden gekocht dus er werd flink geshopt. En dat maakt een mens hongerig nietwaar! En zo gebeurde het dat op het terrasje bij de Bärenwirt een groepje Kleppers zat met volgestouwde plastic tassen. En zoals dat dan gaat de serveerster komt langs neemt de bestelling op, de een neemt een glas bier en de ander een moezeltje. Daar blijft het niet bij want er moet ook wat gegeten worden en dus komt er bij de een een Wiener schnitzel met patat op tafel en de volgende bestelt vis etc. Doortje en Gerhard Donderwinkel hadden ook aangeschoven maar waren nogal op de centen, dus hadden ze het kalm aangedaan met het bestellen. Een boterham met kaas smaakt tenslotte ook prima en allicht kregen ze bij het gastgezin ook nog wat te eten. Als het dan op betalen aankomt, is het soms lastig om te rafelen wie wat moet betalen, dus stelde Alex voor de totale rekening te delen door het aantal personen. De methode heeft een zekere ruwheid in zich maar is simpel en eenvoudig, niks mis mee dus. Doortje en Gerhard keken er niet vrolijk bij maar wilden ook geen spelbreker zijn, dus betaalden ze hun deel inclusief een fooi. Alex zamelde het geld in, en ging naar binnen om af te rekenen. Alex kwam weer naar buiten en merkte schertsend op dat ze zoveel fooi erbij hadden gelegd, dat hij gratis had zitten eten en drinken. Dat schoot bij Gerhard in het verkeerde keelgat. Hij had meer dan het dubbele betaald van wat hij had moeten betalen en meneer die het meeste van allemaal had verorberd, flikte het om anderen voor zijn aandeel in de kosten te laten opdraaien. Schande was het. Het heeft Alex moeite gekost om Gerhard en Doortje ervan te overtuigen dat ook hij gewoon zijn aandeel had betaald.  Donderdagsavonds was er een heimatabend in Petzenkirchen waaraan diverse dansgroepen deelnamen. De vrijdag werd de stad Steyr bezocht, een parel van Oostenrijk. De stad wordt doorkruist door de rivier Steyr en Enn en dat geeft extra cachet aan het indrukwekkende centrum. De moeite van het aangaan waard. Zo’n week is zo voorbij. De zaterdag stond in het teken van het afsluiten van de uitwisselingsweek, het pakken van de koffers en het afscheid nemenbij de Bärenwirt. De gastfamilies wensten hun gasten een voorspoedige thuisreis maar dat pakte toch wat minder voorspoedig uit. Zaterdagsavonds vertrok de nachtexpress uit Innsbruck en de geplande Abfahrt was 2 minuten over twaalf uit Ybbs en daar zat het venijn. Volgens de Nederlandse logica gold de zaterdagdienstregeling en dus waren de retourkaartjes op de zaterdag gesteld terwijl volgens de Oostenrijkse logica voor de treinreis kaartjes nodig waren die op zondag geldig waren. Het slot van het liedje was dat er geen slaapplaatsen meer beschikbaar waren en dat het eerste deel van de reis volstaan moest worden met staanplaatsen. Het gemopper was niet van de lucht. Sjoerd Inia werd zelfs zo opstandig dat hij dreigde het treinverkeer lam te leggen door aan de noodrem te trekken. De conducteur nam geen halve maatregelen, want in het eerste beste gehucht met een treinstation dat ze aandeden werd halt gehouden en kwam de spoorwegpolitie aan boord van de trein om het gedrag te beteugelen. Toch heeft Sjoerd zijn actie wel resultaat gehad want in Ravensburg werd er een slaapwagon bij aangekoppeld. Hoe mooi en gezellig die reizen altijd zijn en hoe prachtig de omgeving ook is, voor dansleider Gerrit Obrink gaat er niks boven zijn geboortestreek want hij eindigt een optreden altijd met de woorden:  

Woar ‘k links of rechts ook reis of trekke,
Deur wat van wond’ren landschap ook,
Ik zal altied toch mien heil weer zeuken,
Bi’j oew, mien mooien Achterhook.

Geplaatst door Riet en Gerrit Beernink


«   »